Schildpadden HOMEPAGINA
 
Welkom op de webpagina Wigosite Schildpadden.
Op deze pagina vindt u informatie over landschildpadden in het algemeen en over de Griekse
landschildpad in het bijzonder, tevens diverse foto's, leuke afbeeldingen en kleurplaten voor
de kids en links naar pagina's met nog veel meer informatie.
Mocht u op de pagina plaatjes en/of bestanden tegenkomen die in het kader van de Copyright
hier niet thuis horen, laat ons dat dan weten.
Wij zullen dan de plaatjes en/of bestanden onmiddellijk van deze webpagina verwijderen !
Opmerkingen, suggesties en aanvullingen middels een berichtje in het Gastenboek en/of een
mailtje zijn altijd welkom.
Veel lees- en kijkgenot !
 
 
 
 
 
Voorwoord
 
In het onderstaande stuk vindt u summiere informatie over schildpadden in het algemeen en
over de Griekse Landschildpad in het bijzonder.
Het is absoluut niet mijn bedoeling geweest om een compleet stuk te schrijven, want er is een
overvloed aan goede literatuur en informatie op de markt en ook op het internet te vinden.
Daarbij is het ook nog eens zo dat ik zeker geen deskundige ben, maar meer een liefhebber die
zijn ervaringen en 'kennis' in deze bijzondere en mooie hobby in deze site graag wil belichten.
 
 
Reptielen
 
Reptielen zijn kruipende (Latijns reptare = kruipen) gewervelde dieren. Kenmerkend voor deze
dieren is dat ze koudbloedig zijn: Ze hebben géén gelijkmatige lichaamstemperatuur, hun
temperatuur varieert al naar gelang de temperatuur van de omgeving. Ze ademen door middel
van longen en de ongeboren jongen zijn omgeven door een binnenste vruchtvlies.
 
De klasse van de reptielen wordt verdeeld in vier orden, t.w.:
 
1. de orde van de slangen en hagedissen (Squamata)
2. de orde van de krokodillen (Crocodilia)
3. de orde van de brughagedissen (Rhynchocephalia)
4. de orde van de schildpadden (Chelonia)
 
 
Schildpadden
 
Schildpadden bewonen al meer dan 250 miljoen jaar onze aarde en in al deze jaren zijn hun
levenswijze en uiterlijk nauwelijks veranderd.
Het lichaam van schildpadden wordt omsloten door een pantser, het zogenaamde schild.
Het schild bestaat uit een rugschild (carapax) en een buikschild (plastron).
Deze twee delen zijn aan de zijkanten aan elkaar vastgegroeid met aan de voor- en achterkant
een brede spleet waar de kop, de sterk ontwikkelde poten en de staart doorheen steken.
  
Het gehele schild, rugschild (carapax) en buikschild (plastron), bestaat uit drie lagen, t.w.
hoornschubben -schilden aan de buitenkant, een huidlaag in het midden en beenplaten aan
de binnenkant. Het schild is, in tegenstelling tot wat men misschien denkt, zéér gevoelig !!!
Dit komt door de aanwezigheid van de huidlaag die voorzien is van bloedvaten en zenuwen.
 
Schildpadden zijn de enige reptielen die geen tanden bezitten.
In plaats van tanden hebben ze scherpe hoornrichels op zowel de boven- als de onderkaak.
De dieren hebben een goed gezichts- en geurvermogen en het gevoelszintuig is eveneens goed
ontwikkeld. Het gehoor is slecht, d.w.z. dat schildpadden waarschijnlijk niet of slechts
gedeeltelijk geluiden via de lucht kunnen ontvangen, maar wel vibraties in de grond en/of in
het water kunnen opvangen.
De wervelkolom bestaat uit: 8 halswervels, 10 rompwervels en 18 tot 33 staartwervels.
 
Momenteel komen schildpadden nog in alle tropische en gematigde streken in het wild voor.
Er zijn meer dan 300 soorten en de orde van de schildpadden is verdeeld in 2 suborden, t.w.:
 
De Halsbergers (Cryptodira)
Hieronder vallen bijna alle moeras- en landschildpadden die op het noordelijk halfrond voorkomen.
Kenmerkend voor deze groep is dat ze de kop volledig onder het schild terug kunnen trekken.
De Latijnse naam zegt dit al enigszins: crypta = holte en dira = verbergen.
De meeste schildpadden die tot deze groep behoren kunnen de nekwervels een beetje inschuiven
en de kop zo ver in een holte in het schild intrekken dat ze de poten er als bescherming nog voor
kunnen vouwen, met als extra bescherming de aan de voorpoten zittende scherpe nagels.
De Halswenders (Pleurodira)
Deze schildpadden komen alleen op het zuidelijk halfrond voor.
Deze dieren kunnen de nek en kop niet onder het schild terug trekken, maar door de nek te buigen
(te wenden) worden de nek en de kop onder het schild gevouwen.
Omdat het grootste deel van de diersoorten direct onder een orde valt, en niet onder een sub- of
onderorde, worden onderordes meestal weggelaten om verwarring te voorkomen. Oorspronkelijk
behoorden alle schildpadden tot de Halswenders en is de naam Halsbergers later ontstaan.
Hierdoor kan de onderorde verdeling niet helemaal buiten beschouwing gelaten worden.
 
 
Griekse landschildpad
 
De Griekse landschildpad (Testudo Hermanni) behoort tot de groep Halsbergers en is een van
de makkelijkst te houden landschildpadden die er zijn.  Het dier wordt al sinds mensenheugenis
als huisdier gehouden en kan bij een goede verzorging een mens overleven.
Er zijn dieren bekend die tussen de 80 en 100 jaar oud zijn !
 
Om de wildvang een halt toe te roepen zijn alle schildpadden tegenwoordig wettelijk beschermd
en mogen ze alleen gehouden worden met een bijbehorend certificaat.
Gelukkig zijn er liefhebbers die zich met succes hebben toegelegd op het fokken van deze
fascinerende dieren. Hierdoor wordt het voortbestaan van deze diersoort gegarandeerd en hoeft
men bij het aanschaffen van deze schildpadden geen dieren meer uit het wild te roven.
 
Echter, "Bezint eer ge begint !" met het houden van Griekse landschildpadden.
Zeer zeker met de wetenschap dat deze dieren een respectabele leeftijd kunnen bereiken en
dat de verzorging véél verder gaat dan het geven van het, ten onrechte, bekende blaadje sla !
 
 
Kenmerken
Het rugschild (carapax) van Testudo Hermanni is hoog gewelfd en het vertoont 13 rugschilden
en 24 randschilden.
De achterkant van het rugschild, boven de staart, bestaat doorgaans uit 2 schilddelen.
De schilden van de bovenkant van 'het harnas' hebben een geelachtige tot bruinachtige tint.
Ze zijn omringd door een zwarte / donker bruinachtige onregelmatige rand, met in het midden
van het schild een tot bijna zwart gekleurde vlek. Afhankelijk van het herkomstgebied kunnen
de schildpadden talrijke kleurvariaties hebben, van bijna geheel geel tot bijna helemaal zwart
en alle variaties hier tussenin.
 
Het buikschild (plastron), dat bij mannetjes hol en bij vrouwtjes plat tot ietwat bol gevormd is,
vertoont van voor naar achter, over de gehele lengte, een duidelijke middenstreep.
 
De kop is bezet met een dikke laag platte huidbeenderen evenals de staart en de poten.
Aan de voorpoten zitten vijf nagels en aan de achterpoten zitten er vier.
De staart eindigt in een hoornen haak. De staart van het mannetje is doorgaans langer dan die
van het vrouwtje, terwijl het vrouwtje normaal gesproken iets groter wordt dan het mannetje.
De oogjes zijn pikzwart en lijken op kraaltjes, de neusgaten zijn klein en hebben iets weg van
speldenprikken.
 
Testudo Hermanni Boettgeri mannetje Testudo Hermanni Boettgeri vrouwtje
 
Het geslacht is vast te stellen als de dieren 5 - 6 jaar oud zijn.
Het anaal- of staartschild (onderdeel van het buikschild) bestaat uit 2 delen.
Bij het mannetje heeft het anaalschild de vorm van een sikkel en loopt naar de zijkanten iets
breder uit. Bij het vrouwtje heeft het anaalschild de vorm van een hart c.q. een druppel en loopt
niet breder uit. Het mannetje is bij 7 - 8 jaar geslachtsrijp en het vrouwtje bij 8 - 10 jaar.
 
Anders dan de naam misschien doet vermoeden komt de Griekse landschildpad niet alleen in
Griekenland voor. Daarbij kent Testudo Hermanni 2 ondersoorten die in 1987 een naamsverandering
ondergingen, t.w.:
 
Testudo Hermanni Hermanni (de westelijke ondersoort)
 
Deze ondersoort heette vroeger (tot 1987) Testudo Hermanni Robertmertensi en komt voor in:
Zuid Frankrijk, Noord- en Zuid Italië, Oost Spanje en op de eilanden Corsica, Majorca, Menorca,
Sardinië en Sicilië.
De vrouwelijke dieren kunnen tot ongeveer 20 cm. groot worden en het maximale gewicht bedraagt
ongeveer één kilo. De mannelijke dieren zijn wat kleiner van omvang en iets lichter van gewicht.
T. H. Hermanni is behoorlijk fel gekleurd, de tekeningen zijn kleurrijker en dieper dan bij
T. H. Boettgeri. Daarbij heeft T. H. Hermanni een geel vlekje onder het oor.
Het rugschild (carapax) heeft, van bovenaf gezien, een ovale vorm.
 
Testudo Hermanni Hermanni (mannetje)
 
De onderkant van het schild, het buikschild (plastron), is geel - bruinachtig met een doorgaande
donkere/zwarte band (regelmatige donkere/zwarte rand) aan de zijkanten.
De lengte van aanhechting van de delen van het borstschild is bij de pectoralia (blauw streepje)
kleiner en bij het bekkenschild is de femoralia (rood streepje) groter dan bij T. H. Boettgeri.
 
De westelijke ondersoort wordt minder vaak gehouden. Er wordt ook minder mee gekweekt en de
verzorging is iets lastiger dan de oostelijke ondersoort. Misschien mede omdat T. H. Hermanni wat
slechter tegen de in Nederland en België heersende klimatologische omstandigheden is bestand.
Testudo Hermanni Boettgeri (de oostelijke ondersoort)
 
Deze ondersoort heette vroeger (tot 1987) Testudo Hermanni Hermanni en komt voor in:
Albanië, Bulgarije, Dalmatië, Griekenland, Hongarije, Zuid Italië, Kroatië, Malta, Monaco,
Roemenië, Slovenië, Turkije en op de eilanden Sardinië en Sicilië.
De vrouwelijke dieren kunnen tot ongeveer 30 cm. groot worden en het maximale gewicht
bedraagt dan ongeveer drie kilo.
De mannelijke dieren zijn wat kleiner van omvang en iets lichter van gewicht.
T. H. Boettgeri is minder fel gekleurd als T. H. Hermanni, de tekeningen zijn minder kleurrijk en
minder diep. Daarbij heeft T. H. Boettgeri géén geel vlekje onder het oor.
Het rugschild (carapax) loopt, van bovenaf gezien, naar achteren iets breder uit.
 
Testudo Hermanni Boettgeri (vrouwtje)
 
De onderkant van het schild, het buikschild (plastron) is geel - bruinachtig met een onderbroken
donkere/zwarte band (onregelmatige donkere/zwarte vlekken) aan de zijkanten.
De lengte van aanhechting van de delen van het borstschild is bij de pectoralia (blauw streepje)
groter en bij het bekkenschild is de femoralia (rood streepje) kleiner dan bij T. H. Hermanni.
 
De oostelijke ondersoort wordt vaker gehouden. Er wordt ook meer mee gekweekt en de
verzorging is gemakkelijker dan de westelijke ondersoort. Misschien mede omdat T. H. Boettgeri
wat beter tegen de in Nederland en België heersende klimatologische omstandigheden is bestand.
 
Testudo Hermanni Boettgeri Hypomelanistic (High Yellow)
 
Deze Griekse landschildpadden zijn geen aparte wetenschappelijke soort, maar zijn een
kleurmutatie van de gewone T. H. Boettgeri, die slechts bij 4 op de 1000 dieren voorkomt.
Deze schildpadden komen voor in: Bulgarije, Zuid Servië aan de grens met Kosovo en Macedonië.
De vrouwelijke dieren kunnen 20 - 25 cm. groot worden, maar 30 cm. is ook niet uitgesloten.
Het gewicht van deze volwassen schildpadden varieert van twee tot drie kilo.
 
Testudo Hermanni Boettgeri Hypomelanistic (High Yellow) (vrouwtje)
 
Zowel het gehele rugschild (carapax) als het buikschild (plastron) is geelachtig van kleur zónder
donkere/zwarte randen, vlekken en/of banden.
 
 
Huisvesting
 
Griekse Landschildpadden houden van warmte en zon. Als de dieren buiten in een terrarium of
misschien zelfs vrij in de tuin kunnen en/of mogen rondlopen zult u opmerken dat de dieren bij
zonnige dagen ergens schuin tegenaan leunen om zoveel mogelijk zonnestralen op te vangen.
De zonnestralen zorgen voor de broodnodige vitamine D 3 productie !
 
Als de schildpadden vrij in de tuin mogen rondlopen, zorg er dan voor dat de dieren niet kunnen
ontsnappen. Het zijn geweldige klimmers en het lijkt wel of uitbreken tot een van hun favoriete
bezigheden behoort.
Een stevige verticale rand van gestapelde spoorbielzen is een goede oplossing. Echter er zijn
meerdere goede oplossingen te bedenken, als de rand maar stevig en ± 40 cm. hoog is.
Langs deze rand mogen ook geen voorwerpen, zoals stenen en/of boomstronken, liggen die de
dieren als 'opstapje' zouden kunnen gebruiken om over de rand te komen.
Ook soortgenoten worden hier wel eens voor gebruikt. Zorg dus voor voldoende randhoogte.
 
Creëer ook voldoende schuilgelegenheid. Een bouwsel van stevig gestapelde (rots) stenen met
hier en daar meerdere openingen biedt de dieren bescherming tegen regen en wind maar geeft
de schildpadden ook de mogelijkheid om naar wens in de schaduw te kunnen verblijven.
Begroeiing tussen de stenen met bijv. vetplanten (alle sedum -, huislook- en sempervivumsoorten)
geeft een natuurlijk aanblik en tevens zullen de dieren er naar wens van kunnen smullen.
Laat uw creativiteit werken en probeer hun natuurlijk biotoop zo veel mogelijk te benaderen.
Hier en daar wat stenen, tevens goed om de nagels aan te laten slijten, enkele kleine struiken of
heesters, bijv. aalbes, lavendel en rozemarijn, een plekje met onkruid (zie ook voeding) en een
gedeelte bestaande uit een ± 30 cm. diepe zandbodem biedt een zo natuurlijk mogelijk verblijf
voor de schildpadden. De schildpadden zullen zich er gegarandeerd optimaal in voelen.
Een goed 'leefgebied' voor de dieren is minstens zo belangrijk als goede verzorging en voeding !
 
Een oude lichtkoepel, geplaatst op een ± 25 cm. hoge rand van stenen waarin een toegang is
vrij gelaten, biedt de dieren ook bij minder warm weer een toch nog redelijk warm plekje.
Bedenk ook dat de nachttemperatuur niet lager dan 10º C mag bedragen en dat het bij lagere
temperaturen beter is om de dieren binnen te zetten, tenzij er voorzieningen zijn aangebracht.
Ideaal is een verwarmde schuilplaats met een warmtelamp, eventueel gecombineerd met een
warmtekabel onder de vloer. Een voorziening aanbrengen waar de dieren de mogelijkheid
hebben om zich in te graven kan ook een goede oplossing zijn.
 
Als u de schildpadden noodgedwongen toch naar binnen haalt, laat ze dan niet vrij over de
vloer kruipen. Want het gevaar bestaat dan dat de vloer te koud is en/of dat de dieren op de
tocht komen te zitten.
Voorkom dit want dit kan voor de dieren funest zijn en longontsteking tot gevolg hebben !
Een bak of beter een binnenterrarium is dan een goede oplossing.
 
 
Voeding
 
Geef de schildpadden een zo gevarieerd mogelijk 'menu'. Dit is niet altijd te evenaren.
In de vrije natuur eten de schildpadden alles wat ze op hun weg tegenkomen, zoals alle wilde
planten, kruiden, onkruiden maar ook aardwormen, kevers, kadavers en (hun eigen) ontlasting.
 
Het aanbod aan voedsel kan bestaan uit: aardappel (gekookt), aardbei, andijvie, appel (pitten
zijn giftig !), banaan, bloemkool, boerenkool, boontjes, boterbloemen, bramen, courgette,
druiven, erwten, frambozen, herderstasje, ijsbergsla, kersen, kiwi, klaver, komkommer, krenten,
maïs, mandarijn, meelwormen, meloen, melkdistel, paardenbloem, paprika, peer, perzik, rozijnen,
tomaat, veldsla, vogelmuur, witlof, vetplanten (alle sedum soorten) en smalle en brede weegbree.
Bepaalde soorten 'hardere' groenten zoals bijv. bloemkool, erwten, worteltjes en maïs kunt u
uit blik en/of uit glas geven, of nog beter vers maar dan afgekookt.
Probeer gewoon maar eens uit wat uw dieren het liefst hebben.
 
Om aan een bepaalde behoefte aan kalk te voldoen kunt u sepiaschelpen en/of de schaal van een
hard gekookt ei fijnmaken en dat over het voornoemde zachter voedsel strooien, het blijft eraan
plakken en de dieren krijgen het zo automatisch binnen.
 
Bij dit alles geldt: Overdaad schaadt en .... varieer zoveel mogelijk !
Het geven van een teveel aan fruit bijvoorbeeld kan tot gevolg hebben dat latent aanwezige
parasieten de kans krijgen om zich zeer explosief te vermeerderen.
In de darmen ontstaat dan een verkeerde bacteriegroei !
Laat de hoofdvoeding dus niet grotendeels uit fruit bestaan.
 
Varieer ook zoveel mogelijk in het aanbieden van hard en zacht voedsel.
Hoofdzakelijk zacht voedsel kan een verkeerde groei van de hoornrichels op zowel de boven- als
de onderkaak tot gevolg hebben, dan kan de zogenaamde Papegaaienbek ontstaan.
Over het wel of niet geven van honden- en kattenbrokken zijn de meningen verdeeld, er wordt
beweerd dat de brokken op den duur schadelijk zijn voor de lever en nieren van de schildpadden.
 
Op warmere dagen is het beter om 2 tot 3 keer per dag een kleine hoeveelheid te geven, dan een
grote portie in één keer, dit o.a. in verband met bederf. Let erop dat het aanbod goed gewassen is
om eventuele resten van vuil en/of bestrijdingsmiddelen zoveel mogelijk te verwijderen.
Kies bij voorkeur een vaste plek waar u de schildpadden voert, liefst in de schaduw en op bijv.
een tegel die gemakkelijk te reinigen is. Het is goed om één dag per week helemaal niets te geven.
De schildpadden worden dan niet snel te vet, hetgeen de dieren alleen maar ten goede komt.
 
Dagelijks vers drinkwater is ook van levensbelang. Alhoewel, als de schildpadden dagelijks vers
groen en fruit krijgen dat veel vocht bevat, dan zal de behoefte aan water minder zijn.
 
 
Verzorging
 
Twee tot drie keer per week de dieren een bad laten nemen is aan te bevelen. Gebruik een ondiepe
schaal en vul die met een laagje lauw water van ± 2 cm., dit om verdrinking te voorkomen, en was
de dieren af met een zachte spons.
Meestal ontlasten de schildpadden in het water, ververs dan het water voor het volgende dier.
 
Kijk uw schildpadden ook regelmatig grondig na.
Let hierbij bijv. op de aanwezigheid van teken en/of andere parasieten.
Controleer ook op andere onregelmatigheden zoals bijv.: vervormingen en/of beschadigingen aan
het pantser, hoofd, poten en staart.
De dieren moeten een levendige indruk vertonen, de neus moet droog zijn en de binnenkant van de
bek moet zacht rose van kleur zijn.
De ontlasting moet vast en donker van kleur (bruin - zwart) zijn.
Ga bij twijfel niet zelf experimenteren maar raadpleeg uw dierenarts. Uw dieren zijn het waard !
 
Bedenk steeds dat een goede verzorging zeer belangrijk is. Niet alleen om reden dat de dieren dit
nodig hebben om gezond te blijven en te groeien maar ook om reden dat ze in de ± 7 maanden dat
ze wakker zijn reserves moeten kunnen opbouwen om de ± 5 maanden durende winterslaap goed
door te kunnen komen !
 
 
Winterslaap
 
In het najaar (eind oktober - begin november), wanneer de dagen korter worden en het ook kouder
wordt, dan worden de schildpadden trager en nemen minder voedsel tot zich.
Het wordt dan langzaam tijd voor hun winterslaap.
 
Zet de dieren in een diepe bak of doos met een flinke laag gemengde tuinaarde, tuinturf, zand en
bladeren (dit mengsel mag gerust een beetje vochtig zijn). De dieren zullen zich hierin dan ingraven.
Zo komen zij de winter goed door,  mits de dieren op een vorstvrije plaats van 2 - 8º C  worden
weggezet waar zij niet gestoord worden, geen last van tocht en optrekkend vocht hebben en de
vloer niet te koud is.
Een harde isolatieplaat van 5 - 6 cm. tussen de bak en de vloer is een prima oplossing.
 
Voorkom dat andere dieren bij de schildpadden kunnen komen.
Katten zullen de bak willen gebruiken als kattenbak, honden zullen er in willen graven en muizen
en/of ratten zullen aan de poten en staart van de schildpadden knagen ! Zorg er dus voor dat de
bak niet toegankelijk en goed afgesloten is. Bedenk echter wel dat ventilatie noodzakelijk is.
 
Het is een goede zaak om de schildpadden alvorens ze aan de winterslaap beginnen nog een bad
te geven. Ze zullen dan ontslakken en de winterslaap beginnen en doorkomen met redelijk schone
en lege darmen. Bega niet de fout om te pas en te onpas eens even in de bak te kijken.
De mogelijkheid bestaat dan dat de dieren wakker worden, met alle gevolgen van dien.
Laat de natuur dus zijn gang gaan, dat is het beste.
 
Tegen het voorjaar (maart - april) wanneer de dagen weer beginnen te lengen en de temperatuur
weer toeneemt zult u af en toe schraapgeluiden in de bak horen.
Een teken dat de dieren wakker worden en op zonnige dagen weer naar buiten mogen.
In het begin zullen ze nog een beetje traag zijn en nog niet zoveel voedsel tot zich nemen.
Geef de dieren een lauw bad en e.e.a. zal snel veranderen. Vooral in het begin is het misschien
nog nodig om de dieren voordat de avond invalt binnen te halen. Als de nachttemperaturen
stabiel boven de 10º C blijven dan kunnen de dieren constant buiten blijven.
 
Het laten overwinteren c.q. de dieren een winterslaap laten houden geldt niet voor pas geboren
en jonge schildpadden. Bijna alle deskundigen adviseren om jonge dieren de eerste paar jaren in
een binnenterrarium wakker te houden, zodat zij zonder onderbreking voedsel tot zich kunnen
nemen en dus ook kunnen doorgroeien.
 
 
Jonge schildpadjes
 
Zoals hierboven al vermeld staat, zijn alle schildpadden tegenwoordig wettelijk beschermd en
mogen ze alleen gehouden worden met een bijbehorend certificaat.
In de handel en/of bij fokkers zijn zelden halfwas of volwassen dieren te koop die meteen in
de tuin of in een buitenterrarium kunnen worden gehuisvest.
Daarom moet de ware liefhebber de hobby vaak beginnen met het aanschaffen van jonge (baby)
schildpadjes bij andere liefhebbers of fokkers. Huisvesting, voeding, verzorging en winterslaap
van de jonge dieren verdient extra aandacht, daarom hieronder iets meer informatie.
 
Huisvesting:
De jonge dieren kunnen de eerste paar jaren het beste in een een binnenterrarium (aquarium of
caviabak) gehouden worden. Als bodembedekker is een ca. 10 cm. dikke laag vochtige potgrond
of cocopeat een goede keuze. Door het vochtig houden en dus regelmatig bevochtigen van de
de ondergrond groeien de jonge schildpadjes op met een mooi glad schild.
Hier en daar enkele goed gestapelde (platte) stenen met tussenruimten bieden de schildpadjes
een prima schuilgelegenheid. De stenen dienen tevens om de nageltjes van de beestjes op een
natuurlijke wijze af te laten slijten. Plaats het binnenterrarium nooit buiten in de volle zon.
 
Temperatuur:
De temperatuur mag in het binnenterrarium, zowel overdag als 's nachts, 28 tot 30º C bedragen.
Dit kan bereikt worden m.b.v. één of meerdere spot- of gloeilampen die bij voorkeur aan één kant
van het verblijf aangebracht worden. Onder de lamp(en) kan/mag de temperatuur overdag zelfs
tot ca. 35º C oplopen. De temperatuur in dit deel van het verblijf wordt dus enkele graden hoger
dan in het andere deel en zodoende kunnen de jonge dieren naar eigen keuze afwisselend of in
het warmere of in het koelere gedeelte verblijven. Ook komt het voor dat de schildpadjes zich
ingraven en soms wel enkele dagen onder de grond doorbrengen. Wanneer ze honger krijgen dan
komen ze wel weer naar boven.
 
Voeding:
Ook voor de jonge (baby) schildpadjes geldt: Varieer het 'menu' zoveel mogelijk.
Buiten het voedsel, waarvan een opgave reeds hierboven bij voeding staat, kan men het aanbod
eens per 14 dagen aanvullen met in water geweekte honden- of kattenbrokken en/of Pedigree
Mixer. Hierin zitten tevens extra vitaminen en mineralen.
Ook fris drinkwater mag nooit ontbreken. Ververs het water zo nodig enkele malen per dag.
 
Verzorging:
Wanneer het goed weer is en de buiten temperatuur ten minste 20º C bedraagt, dan mogen de
schildpadjes overdag naar buiten om te genieten van het natuurlijk zonlicht.
De zonnestralen zorgen meteen voor de broodnodige vitamine D 3 productie !
Zorg er wel voor dat de dieren de mogelijkheid hebben om te kunnen schuilen als het te warm
wordt. Goed gestapelde stenen met tussenruimten, enkele nokpannen en lage struikjes kunnen
een prima bescherming bieden. Bescherm de jonge dieren ook tegen andere huisdieren zoals
honden en katten, maar ook tegen natuurlijke vijanden. Denk hierbij aan muizen, ratten, egels
en de grotere (roof) vogelsoorten zoals bijv. torenvalk, sperwer, kraai, ekster en Vlaamse gaai.
Zet de schildpadjes tegen de avond en/of onder de 20º C weer in het binnenterrarium.
 
Winterslaap:
Het verdient aanbeveling om de jonge schildpadjes enkele jaren en zeker de eerste 2 winters
in het verwarmde binnenterrarium op te laten groeien. Doordat de temperatuur in het verblijf
niet daalt, blijven de jonge dieren wakker en houden dus geen winterslaap. Zo kunnen zij
zonder onderbreking voedsel tot zich blijven nemen, hetgeen de groei ten goede komt.
 
Bij een goede huisvesting, voeding en verzorging en wanneer er zich geen complicaties voor
doen, dan kunnen de jonge schildpadjes het eerste jaar al een grootte van 8 - 11 cm. bereiken.
Ondanks het feit dat bij volwassen dieren de vrouwtjes groter zijn/worden dan de mannetjes
komt het vaker voor dat de mannetjes na het eerste jaar groter zijn dan de vrouwtjes.
Na enkele jaren 'halen de vrouwtjes de mannetjes in' en worden dus groter.
 
 
Slotwoord
 
Zoals ik in het begin van dit stuk al aangaf is het bovenstaande absoluut niet compleet maar meer
een korte leidraad voor liefhebbers, geïnteresseerden en/of aspirant bezitters.
Er is heel veel goede literatuur op de markt en zo is ook op internet veel informatie te vinden.
Het is de moeite waard om u wat breder te oriënteren, zeer zeker voor deze mooie liefhebberij.
Als u uw schildpadden de verzorging geeft die zij verdienen dan zult u tot in lengte der jaren van
uw schildpadden kunnen blijven genieten en ..... zij misschien van u !
 
Veel succes !   2005 © 2017 Wigo
 
 

 
 
         
 
 
          
 
 
          
 
 
          
 
 
          
 
 
          
 
 
          
 
 
          
 
 
          
 
 
's Werelds oudste dier, Schildpad Harriet,  175 jaar oud !
Gisteren 15 november 2005 is het, voor zover bekend, oudste nog levende dier ter wereld
175 jaar oud geworden. Dat was dus tijd voor een feestje !
 
Schildpad Harriet
 
Pensioen
Het gaat om schildpad Harriet, die in een Australische dierentuin haar leven slijt.
Harriet geniet al jaren van haar pensioen. De bejaarde schildpad liet het feestje rustig over
zich heen komen en kreeg cake en natuurlijk haar favoriete bloem als verjaardagsmaal.
 
Charles Darwin
Harriet werd geboren op de Galapagos-eilanden en het verhaal wil dat de Britse wetenschapper
Charles Darwin haar daar in 1835 vandaan gehaald heeft om haar te bestuderen.
 
Sekse
Over haar leeftijd bestaat als gevolg van dna-onderzoek geen twijfel, maar meer dan een
eeuw lang dacht iedereen dat Harriet een mannetje was en werd ze gewoon Harry genoemd.
Harriet heeft al een plaatsje in het Guinness Book of Records bemachtigd.
 
(Bericht uit RTL Nieuwsbrief d.d. 15 november 2005)
 

Oudste schildpad Harriet in gevangenschap overleden.
Schildpad Harriet
 
SYDNEY (ANP) - Het waarschijnlijk oudste dier in gevangenschap, de Galapagos-schildpad
Harriet, is donderdagavond (23 juni 2006) overleden.
 
Dat heeft de Australische dierentuin waar het dier haar dagen sleet, vrijdag bekendgemaakt.
 
Harriet overleed vermoedelijk aan een hartaanval, verklaarde de dierenarts van Australia
Zoo tegen de zender ABC.  Ze zou de respectabele leeftijd van 176 jaar hebben bereikt.
 
Het verhaal wil dat in 1835 de Britse natuurkundige Charles Darwin de toen 5-jarige Harriet
persoonlijk van de Zuid-Amerikaanse Galapagos-eilanden haalde.
De befaamde Darwin had evenwel niet door dat de schildpad een vrouwtje was. 
Dat bleek pas halverwege de vorige eeuw, toen ze al ruim honderd jaar als man door het
leven was gegaan.
 

Waarom worden Schildpadden zo oud ?
Vraagt: Anne van der Weerden-van Lier uit Meijel
 
Reuzenschildpadden kunnen wel over de tweehonderd jaar worden.
Er is van één dier bekend dat hij 255 is geworden.
Kleinere schildpadden als roodwangschildpadden kunnen leeftijden bereiken van dertig tot
veertig jaar.  De hoge leeftijd die schildpadden kunnen halen, danken ze niet aan hun schild,
zoals vaak gedacht wordt. Schildpadden zijn koudbloedige dieren, hetgeen inhoudt dat zij
zelf geen lichaamswarmte produceren. De regeling van de lichaamstemperatuur is bij koud-
bloedige dieren afhankelijk van hun gedrag en omgeving.
Zoekt een koudbloedig een warme omgeving op, dan kan hij erg actief worden.
Zijn stofwisseling versnelt en de daarvoor benodigde energie haalt hij uit zijn verwarmde
omgeving. Bevindt een koudbloedig dier zich echter in een koude omgeving, dan wordt zijn
stofwisseling trager en dat heeft weer invloed op zijn gedrag. In koude periodes heeft een
schildpad weinig energie om zich op te laden en gaat daarom in wintersrust. Hij geeft zich
als het ware over aan zijn omgeving.
Doordat een schildpad gedurende zijn leven niet constant actief is en zich 'overgeeft' aan
zijn omgeving, kan hij in verhouding tot warmbloedige dieren erg oud worden.
Een warmbloedig dier dat het hele jaar actief is, verbruikt namelijk veel meer energie,
waardoor ook de levensverwachting afneemt.
Bovenstaande is wel een beetje te vergelijken met een machine. Wanneer een machine altijd
op volle toeren draait, is zijn levensduur korter, dan wanneer hij minder frequent wordt
gebruikt. Wel moet hij af en toe aangezwengeld worden, anders kunnen onderdelen ver-
roesten of vergaan. Een schilpad moet gedurende zijn levensjaren ook warme periodes mee
maken, waardoor zijn stofwisseling weer wordt versneld en het dier energieker wordt.
Gebeurt dit niet, dan wordt de levensverwachting van een schildpad ook korter.
 
Het antwoord werd gegeven door Marjolein Osieck,
Hoofd dierenverzorging Zoo Parc Overloon.
 
Bron: Dagblad de Limburger 29-09-2007
 
 
 
     
               
Een kruising van ... ?  Nee, dit is onze Pieke !!!
 

 
 
 
 
 
Voor ons niet meer !!!
 

 
Kleurplaten voor de kids
 
   
                                      
   
   
                                        
                                                
www.kleurplaten-voor-kids.nl

 
 
 
 
 
                                       
 
 
                       
 
 
                          
 
 
                                           
 
 
                    
 
 
                                     
 
 
 
 
               
 
 
Interesse in bepaalde Plaatjes en/of Afbeeldingen ? Mail ons
 
Test uw kennis en doe de schildpaddenquiz:
www.iguana.nl/quiz/schildpad/schildpaddenquiz.htm
 

 
               
 
Kijk voor meer info ook eens op de site's:
 
De webmaster van www.wigosite.nl is niet
verantwoordelijk voor de inhoud van externe websites.
 
Met dank aan eenieder voor de bijdragen in de vorm van informatie, foto's en afbeeldingen
 
Bedankt voor uw interesse en voor uw bezoek aan de site
Heeft u opmerkingen, aanvullingen of afbeeldingen:  Mail naar Wigo
Bent u tevreden, vertel het verder en/of schrijf in het:  Gastenboek / Lees Gastenboek
 
HOMEPAGINA
2005 © 2017  [Wigosite]
Alle rechten voorbehouden
Bijgewerkt:   30-04-2017
Page copy protected against web site content infringement by Copyscape
Schildpadden Pagina
www.wigosite.nl